Mensen met hiv niet weerloos tegen discriminatie

1handicap-jpgDe Stichting Respijtzorg Alkmaar heeft zich in 2011 niet schuldig gemaakt aan discriminatie toen ze een zorgvrijwilliger afwees vanwege zijn hiv. Tot dat oordeel kwam de rechtbank in Alkmaar, nadat de Commissie Gelijke Behandeling (CBG) de zorgverlener, Gerrit Tholenaars, eerder in het gelijk had gesteld. Toch hebben mensen die om hun hiv worden gediscrimineerd, nog steeds mogelijkheden zich hiertegen te verweren.

Als argument voor de afwijzing voerde de stichting destijds aan ‘meer tijd nodig te hebben om zich te verdiepen in wat de hiv-besmetting betekent voor haar gasten’. Ze waren ‘nog maar net waren begonnen’ waardoor specifiek beleid over hiv nog ontwikkeld moest worden.

Volgens de rechtbank wordt de man niet zodanig door zijn chronische ziekte belemmerd dat sprake is van een handicap. Daarnaast was de rechter van mening dat Tholenaars, door zijn ‘dominante en sturende opstelling, zelf een groot aandeel had in zijn afwijzing.

Hiv is een chronische ziekte en het is in Nederland op grond van de Algemene wet gelijke behandeling (AWGB) en de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronisch ziekte (WGBH/CZ) verboden om iemand met een chronische ziekte anders te behandelen dan mensen zonder chronische ziekte (tenzij iemand door zijn ziekte belangrijke functieonderdelen niet meer kan uitvoeren). Dat zijn bepalingen uit het civielrecht. Dit wil dus niet zeggen dat de stichting in strafrechtelijke zin buiten haar boekje is gegaan. De bepaling tegen discriminatie in het strafrecht is namelijk van toepassing op gehandicapten. En veel chronisch zieken zijn niet gehandicapt.

De kantonrechter oordeelde donderdag dat bij Tholenaars geen sprake is van een handicap zoals beschreven in de discriminatiebepaling van het Wetboek van Strafrecht. Zoals uitgelegd worden chronisch zieken worden door het strafrecht pas beschermd als hun ziekte kan worden beschouwd als een handicap. In de regel beschouwt de rechter het afwijzen van iemand wegens een handicap dus wél als discriminatie.

Deze uitspraak is van belang voor mensen met hiv die geen handicap hebben en uitsluitend op grond van hun hiv worden gediscrimineerd. Beter dan aan te sturen op een strafrechtelijke veroordeling, is het om een civielrechtelijke procedure te starten. Je kunt je daarbij beroepen op de AWGB en de WGGH/CZ. De rechter kan dan bijvoorbeeld beoordelen of je schade hebt ondervonden door de discriminatie. Als dat zo is kun je de discriminerende partij daarvoor aansprakelijk stellen. De rechter kan dan de schuldenaar dan verplichten aan jou een schadevergoeding te betalen.

Hoewel de stichting niet is veroordeeld, zegt de zorgvrijwilliger vrede te hebben met het vonnis. ‘Ik heb gevochten voor mijn recht en de zaak onder de aandacht gebracht. Ik ben blij met de opstelling van het Openbaar Ministerie in deze zaak.’

, , , , , 2 Reacties
Reacties
  1. Mijn vriend en ik hebben beide hiv en zijn nu volop bezig met kopen van een huis.

    Na het invullen van formulieren en papieren van onze internist gaat onze premie overlijdensdekking met maarliefst €70 euro omhoog omdat wij hiv hebben , kan/mag dat zomaar?

    Wij voelen ons zwaar gediscrimineerd.

    Barry Janssen on 11 maart 2016 Reageer op deze reactie
    • Dag Barry,
      Wat naar zo’n tegenvaller! En volkomen achterhaald natuurlijk…
      Ik raad je aan hierover contact op te nemen met het Servicepunt van de Hiv Vereniging: servicepunt@hivnet.org. Zij kunnen hier vast advies over geven.

      Hartelijke groet,
      Jörgen

      pozandproud on 11 maart 2016

Laat een reactie achter