De kloof tussen woord en werkelijkheid

De kloof tussen woord en werkelijkheid

Vandaag brengt Koningin Maxima een bezoek aan een Europees congres over de acceptatie van homo’s, lesbo’s, bi’s en trangensders. Geen toeval dus, dat het Sociaal Plan Bureau (SCP) nieuwe cijfers publiceert over hoe het is gesteld met homo-tolerantie in ons land en Europa.

Het percentage Nederlanders dat homoseksualiteit zegt te accepteren, is volgens het SCP-rapport toegenomen van 85 procent in 2006 naar 96 procent in 2012.

Geweldig, zou je zeggen. Maar COC Nederland meent dat er een kloof ligt tussen woord en werkelijkheid.

Uit het rapport blijkt namelijk ook dat slechts 5 procent van alle middelbare scholieren meent dat jongeren op school altijd open over hun homoseksualiteit kunnen zijn.

Nederland is daarnaast ook nog eens teruggezakt van de zesde naar de achtste plaats in Europa waar het gaat om gelijke rechten voor homo’s, lesbo, biseksuelen en transgenders (LHBT’s), blijkt uit onderzoek van ILGA Europe dat eveneens donderdag verschijnt.

Veel Nederlanders denken negatief over ‘verwijfde’ mannen en ‘mannelijke’ vrouwen. Twintig procent van de bevolking vindt dat er ‘iets mis is’ met transgenders die zich man noch vrouw voelen. De seksuele voorkeur van biseksuelen wordt vaak niet serieus genomen en Nederlanders denken iets minder positief over biseksuelen dan over homoseksuelen.

Het COC vraagt de regering om een doortastende aanpak.

Overigens is het in ons land nog altijd veel beter gesteld met de tolerantie van seksuele minderheden dan in Oost-Eruopese landen.

In Oost-Europese landen als Polen, Bulgarije, Hongarije, de Baltische Staten en Rusland keurt de meerderheid van de bevolking homoseksualiteit af.

 

Geen reacties

Laat een reactie achter